Ontmoet Anne van Venrooij

Kunst geeft me energie

Ze is een bezige en creatieve bij. Haar handen staan niet stil. Ze schildert, tekent en boetseert en ze is een groot vogelliefhebber. We kennen haar als lector maar ze werkt ook mee in de bloemengroep. Gorssel is verruild voor Deventer maar ze blijven Joppe trouw, waaraan ze gehecht zijn. De sfeer is altijd goed, ook als we met weinig zijn. Uitkijkend op de IJssel, waar ze samen met haar man Ed al weer een paar jaar wonen is het mooi om van je af te kijken en ze vertelt enthousiast over de ganzen die wel eens dicht langs komen vliegen. Het verveelt nooit. De foto’s en ander materiaal liggen op tafel klaar en aanschouwend vertelt ze haar verhaal. Tenslotte is en blijft het een onderwijzeres.

De ziel van onze kerk wordt gevormd door mooie en bijzondere mensen, die ieder op zich zo verweven zijn met onze kerk dat ze er om zo te zeggen de levende stenen van zijn. In de rubriek Ontmoet maakt u kennis met een persoon uit onze geloofsgemeenschap Onze Lieve Vrouw Tenhemelopneming. Wat verbindt hen met Joppe en wat doet het geloof met hen. Vervolgens wordt hen gevraagd het stokje aan een ander door te geven en dat gebaar verbindt ons met elkaar.

Nadat we samen met Ed koffie hebben gedronken gaan we naar de hoge tafel. Er liggen foto’s en boekjes op tafel klaar waarmee Anne haar verhaal illustreert. Ik vraag dan ook aan Anne waar wil je mee beginnen?

Mijn ouders

Ik kom uit een heel groot Katholiek gezin, 10 kinderen, twee jongens en acht meisjes. Vader was heel erg katholiek en moeder minder. Ze hield het naar de kerk gaan niet zo goed bij en vader ging trouw. Na de kerk wilde moeder natuurlijk wel alle nieuwtjes weten. Dan werd er na het kerkbezoek op zondagmorgen gezellig gezeten met een borreltje erbij. Daarna ging moeder eten koken en vader las de Katholieke Illustratie. Als kinderen stonden we om hem heen en vertelde hij heel veel wat er in stond. Het was een heel gebeuren zo op zondag na de mis.

Verder werd ons niets opgelegd. We waren gedoopt, hebben de Plechtige Communie en het Heilig Vormsel gedaan. Daarna moest je het zelf onderhouden.

Nu was de zuster van mijn vader een non, tante Anne en ik ben naar haar vernoemd. Ze heeft heel veel invloed gehad op het gezin van mijn ouders. Ze schreef ook brieven naar ons, de kinderen. En vader regelde dat we een brief aan haar terug schreven. Dat gebeurde in groepjes.
Eens per jaar kwam ze een week logeren. Er werd een kamer voor haar vrij gemaakt en de kinderen werden verdeeld over de andere kamers. Dat was een groot feest. Ik heb veel leuks beleefd door haar.

Tante Anne hield het reilen en zeilen heel goed in de gaten en mijn vader luisterde goed naar wat haar opvattingen waren. Ze was ook heel sociaal, ze hielp mee, we gingen met haar wandelen en kikkervisjes vangen. Omdat ze zo aardig was accepteerde mijn moeder haar.

We hadden thuis een boerderij en moeder wilde niet dat de meisjes hielpen op de boerderij. We moesten allemaal wat leren. De oudste van de twee jongens heeft de boerderij overgenomen en de andere kinderen hebben allemaal een vak geleerd. Het belangrijkste is wel dat het geloof de ondergrond was waarop alles gebouwd werd.

Onderwijs

Ik ben in Blauwhuis naar de Katholieke school geweest en we moesten dagelijks 1 ½ km heen en terug lopen. Ik heb goede herinneringen aan die tijd. In de eerste klas had ik les van een heel aardig nonnetje. Ze maakte het leren heel aanschouwelijk. Ze leerde me het woordje reep met een echt reepje chocolade. Iedereen kreeg een reepje.
In Blauwhuis stond het St. Theresiahuis waar de ‘Zusters van het Goddelijk Kind’ zich hadden gevestigd. Zij zagen er bijvoorbeeld op toe dat als je je brood was vergeten, dat gebeurde wel eens, dat je mee kon naar het Theresiahuis voor een broodje.

Voor de middelbare school ging ik naar de kostschool in Steenwijkerwold. Mijn tante Anne heeft er voor gezorgd en daar heb ik de MULO gedaan. De kostschool werd gerund door de Zusters van de Voorzienigheid. Ik vond het er heel leuk en heb nooit heimwee gehad. De nonnetjes waren heel schappelijk, ik had er mijn vertier, leuke vriendinnen, kon er sporten en tekenles volgen. Dat vond ik prachtig.

Ik heb er ook de Kweekschool gedaan. Al op de lagere school was ik thuis schooltje aan ’t spelen met mijn jongere zusjes in de keuken. We hadden een schoolbord met krijtjes, papier en kregen van moeders er iets lekkers bij. Ze maakte het leuk voor ons. We moesten wel rustig zijn want er werd na het middaguur gerust en wij konden mooi ons spel spelen. Op de kweekschool blonk ik uit in de artistieke vakken en ik durfde ook alles. Ik had dan ook een goede leraar. Hij kon zijn geestdrift overbrengen. De leraar is heel belangrijk.

Na mijn studie ben ik als onderwijzeres begonnen in Werkhoven, bij Utrecht. We hadden een fijn team en aardige pastoor, die ook voorzitter van het schoolbestuur was. Binnen het team op school kregen we ruimte om er iets van te maken. We konden initiatieven delen en het ook uitvoeren. Zo vond ik het geven van gym ook leuk. Het was een leuk dorp en het lag in een mooie omgeving met veel fruitteelt. Na de oogst mochten de kinderen de grootste appel meenemen voor de juffrouw of de meester. Daarna ben ik werkzaam geweest op de Mariaschool in Delft en we kijken naar een foto waarop Anne staat met haar klas.

In een van mijn lessen gingen we een paardenbloem determineren. Met een scheermesje heb ik het plantje in plakjes gesneden en de kinderen stonden er om heen. Met de microscoop van de school erbij konden we alles goed bekijken. Het was prachtig om de kinderen hierin mee te nemen. Onlangs hoorde ik dat één van de kinderen biologe is geworden. Het meisje had toen al grote belangstelling voor de plantjes en ik schijn gezegd te hebben ‘daar moet je aandacht aan blijven schenken, want daar kun je later wat mee’. Dat is toch mooi. Ik dwaalde ook wel eens af maar als de kinderen luisterden was het heerlijk.

Ik vind dat creatieve vakken als tekenen en schilderen een manier is om je uit te drukken en om dicht bij de kinderen te komen. Ik heb de kinderen ook veel laten tekenen en ook opstellen laten schrijven. Ieder op zijn eigen manier. Ik heb getracht ieder kind te waarderen want ieder kind heeft heel veel goede eigenschappen en specifieke aanleg. Niemand heeft hetzelfde. Ook in mijn opvoeding werd ik door mijn ouders gewaardeerd om de kwaliteiten die ik heb. Maar omdat ik altijd wilde praten zeiden ze op z’n tijd ‘Het praathuis is gesloten, Anne’, en dan was mijn zusje aan de beurt om wat te vertellen. Mijn vader was heel wijs en had veel geduld met ons. En in een groot gezin voeden we elkaar ook op.

Kunst

Kunstuiting is een behoefte van mij. Het klinkt overdreven als ik het zeg maar ik creëer graag iets met mijn handen. Ik teken, schilder en boetseer met boetseerwas. Ik doe het omdat ik het leuk vind en boetseren geeft me ook veel ontspanning. Ik volg ook nog steeds lessen op ’t Atelier in Deventer. In haar werkkamer bekijken we haar onderhanden werken. Ze laat zich inspireren door de natuur, de vogels, een plaatje, een foto of de liefde voor het schaatsen. Als ik eenmaal alles rustig heb voorbereid en weet wat ik wil maken dan kan ik uit mijn dak gaan. Dan ga ik door om tot een mooi resultaat te komen. Morgen heeft een idee een heel andere waarde. Het is Ed die me tot de orde roept want er moet toch op tijd gegeten worden vertelt ze met een lach.
Maar ik mag ook graag kijken naar kunst en het heerlijk in me opnemen. Kunst geeft me energie.

Vogels kijken

Het tijdschrift van de Vogelbescherming is het bruggetje dat Anne graag naar vogels kijkt. Ze gaat graag met de verrekijker op pad om rustig vogels te kijken. Ook vanuit huis is het heerlijk om naar de IJssel met haar bezoekers op het water en in de lucht te kijken. Daarnaast worden de vogels door Anne ook getekend en geschilderd. Het is prachtig.

Ons gezin

Anne heeft Ed ontmoet op een dansavond in Bolsward in 1962. Ze was 20 jaar en zijn altijd bij elkaar gebleven. Zo als ze later zegt; ‘We zijn elkaar trouw gebleven’. In april 1966 zijn ze getrouwd en ze hebben vijf kinderen; twee zonen Bart en Victor en drie dochters Boukje, Noortje en Anne. Wijzend naar de muur waar de drie portretten van haar dochters hangen, getekend door Anne. Ze zijn allemaal gedoopt en hebben de Plechtige Communie en het Heilig Vormsel ontvangen. Bart is als enige getrouwd en heeft drie leuke lieve kinderen, waarvan de oudste al groter is dan Ed en al in Delft studeert. De andere kinderen zijn niet getrouwd.

Ooit als jong gezin gestart in Deventer en via Gorssel zijn ze weer woonachtig in Deventer. Nu aan de IJssel waar ze genieten van het kijken naar het leven op de rivier, de boten en de vogels. Zeker als de ganzen zo dicht langs vliegen. Er is altijd beweging en je raakt niet uitgekeken.

Geloof
Wat heeft het geloof voor waarde in je leven?

Het geloof inspireert mij en door de inspiratie geloof ik. Zonder de inspiratie zou ik niet kunnen geloven. Het geloof is mijn opvoeding en heeft een grote beschaving in mij gebracht. Zonder het geloof zou ik wispelturig zijn, wellicht harder en minder vergevingsgezind.

Ik ben enorm dankbaar dat ik ’t geloof heb mogen ontvangen. In deze tijd is het kerkbezoek geen sleur. Ik ga als ik zin heb en Ed sleur ik wel eens mee. Het is dan heerlijk als we samen zijn geweest . Geloof hoort bij mijn leven, dankzij mijn hele voorgeschiedenis.

Hommage aan Pim Jutte

Spontaan vertelt Anne aan de hand van de attentie die de kinderen ter gelegenheid van het Heilig Vormsel ontvingen dat het Pim was die de schilderijtjes tekende en maakte. Pim Jutte was erg creatief en kon ook goed en uitbundig de boel in de kerk versieren. Allemaal erg mooi.

Je werd helaas ernstig ziek. Wat betekent op zo’n moment het geloof voor jou?

Voor dat ik het wist lag ik voor een longoperatie in het ziekenhuis. Het ging allemaal heel snel en de mensen in het ziekenhuis stelden me gerust en ik heb me in hun handen gegeven. Ik heb voor de operatie wel even gebeden op Hoop en Zegen. Door het tempo waarin alles plaats vond heb ik me er aan over gegeven.

Wat is je lievelingslied of gebed?

Anne vindt het lekker om met het koor mee te zingen en neuriet het lied “Gegroet U, zuivere Bloeme”.

Wat is je mooiste herinnering aan de kerk in Joppe?

Anne kijkt met plezier terug aan de tijd met pastoor Grondhuis, waar ik als lector ben begonnen. Ook nu wordt een kaartje van pastoor Grondhuis gepakt dat hij heeft gestuurd naar zoon Victor van 10 jaar omdat die hem had geschreven. Dat was een heel aardig gebaar.

Wat was en is je rol in de kerk?

Met hulp van pastoor Sloot en pastor van ’t End zijn Pauline Ypma en ik begeleid om lector te worden. Dat was toen een hele stap en verantwoordelijkheid. Ik was onder de indruk van ’t lectorschap en dat moest goed gebeuren. Ik was me daarvan bewust. Ook zit ik met plezier in de bloemengroep waar een grote saamhorigheid is.

Wat ontroert je?

Ik ben een gevoelsmens. Als er een mooie preek is, er mooi wordt gezongen door het koor en je in de bank zit met anderen die enorm meeleven, dan doet me dat goed.

Welke levensles wil je met ons delen?

We hebben onze kinderen meegegeven dat ze rekening moeten houden met anderen en moeten genieten van anderen. Je bent niet alleen.
Ik zie dat ze niet alleen kunnen zijn en graag met anderen samenwerken. Ze helpen graag en zijn allemaal heel sociaal. Ik ben trots op ze. Op allen!
Als Baukje uit Thailand over is en hier logeert dan komen ze ook allemaal thuis en wordt er Thais gekookt. Heel lekker en gezellig.

Hoe kijk je tegen de dood aan? Ben je bang?

Ik vind het niet leuk hoor en laat het op z’n beloop. Toen ik ziek was heb ik er wel aan gedacht maar toch ik was heel ontspannen.

Aan wie zou je het stokje willen doorgeven?

Anne heeft veel met Theo ten Bruin als lector samengewerkt en geeft daarom graag het woord aan Theo, die ze zeer waardeert.