Pasen en de toestand van de Kerk

door pastoor F. G. Hogenelst

Wij zijn weer op weg naar het Paasfeest. Wij concentreren ons op het kostbare én kwetsbare hart van ons geloof: de opstanding van Jezus! De gekruisigde Christus is door de Vader opgewekt en heeft nieuw en ander leven ont­vangen. Als de Levende is Hij in ons midden werkzaam. Hij voedt en sterkt ons met Zijn Woord; met Brood en Beker. Samen met Hem mogen wij onze levensweg gaan. Christus wil ons tot Kerk samenbrengen; tot één ge­meenschap rondom Hem. Het zou zo mooi kunnen zijn… Maar als ik zo om mij heen kijk in onze en andere parochies en als ik luister naar wat er allemaal gezegd en gedaan wordt in de ‘grote’ Kerk, dan lijkt die gemeenschap nogal bedreigd. Want laten we eerlijk zijn, het gaat niet echt goed met onze Kerk. Er heerst een malaisesfeer, er zijn veel gevoelens van onbehagen. De problemen en schandalen zijn gevoeglijk bekend, de media zijn hard en scherp. 

En de Kerk kalft, in Nederland althans, zichtbaar af. Steeds meer mensen, jongeren én ouderen, “verontschuldigen zich” (vg. Lucas 14:18). Zowel in de steden, maar ook op het platteland, wordt het aantal gelovigen dat samenkomt om de Eucharistie te vieren steeds kleiner. De Kaski-tellingen leggen de cijfers open op tafel. Veel mensen zijn nog best wel religieus maar de geloofsinhoud is veelal vaag – mensen spreken wel van geloofsverdamping – en de geloofsbeleving wordt sterk individualistisch. Dat alles betekent de dood in de pot van de Kerk als levende ge­meenschap van broeders en zusters rondom Jezus Christus, onze Heer.

Toch hoeft dat zo niet te blijven. God geeft ons tenslotte iedere dag zo­veel kansen en mogelijkheden. Ik denk, wat ons op dit moment te doen staat is: weer zicht krijgen op Hem, om wie het in ons geloof allemaal gaat: Jezus Christus. We moeten Hem opnieuw leren kennen! Dat kan wanneer we een lerende Kerk willen worden: door de Bijbel te gaan lezen, door ons te verdiepen in de traditie, door het dienstwerk van naastenliefde – de caritas en diaconie – weer op te pakken. 

Alleen goed ge­vormde en toegeruste christenen zullen in de samenleving van morgen staande kunnen blijven. En ook zullen wij dienen te beseffen, dat Christus de enige “eigenaar” van de Kerk is. Wij hebben het recht niet om anderen buiten te sluiten. Het is immers God zelf, die Zijn mensen samenroept. Als wij dat laatste goed tot ons laten doordringen, zal het – aan alle wantrouwen en achterdocht voorbij – best wat worden met onze Kerk én als gemeenschap rondom Christus. Gods Geest blijft immers samenbrengen.                     

Blijf niet staren op wat vroeger was
Sta niet stil in het verleden
Ik, zegt Hij, ga iets nieuws beginnen.
Het is al begonnen, merk je het niet?

Aan de woorden van dit stemmige lied moest ik denken bij het schrijven van deze paasgedachte. En ik wens u allen van harte dat ons en onze geloofsgemeenschappen zich telkens mogen vernieuwen.

Mede namens de collega’s van het Pastoraal Team

een Zalig Pasen!